Mag een advocaat AI gebruiken?

Geschreven door

Lucas HogendoornOprichter Minuut.eu

Ja, en lees de NOvA-aanbevelingen als de lat, niet als een rem. Wat de NOvA, je geheimhoudingsplicht en de AVG vragen, met een checklist voor je AI-beleid.

Portret van Lucas Hogendoorn
Inhoud
  1. Geen verbod, wel eigen verantwoordelijkheid
  2. Wat de NOvA per kernwaarde van je vraagt
  3. Je geheimhoudingsplicht geldt ook als je AI gebruikt
  4. Persoonsgegevens in een AI-tool: wat de AVG vraagt
  5. Moet je je cliënt informeren of om toestemming vragen?
  6. AI-geletterdheid: wat de AI-verordening van je kantoor vraagt
  7. Wat er gebeurt als het misgaat
  8. Wat er in het AI-beleid van je kantoor hoort
  9. Zeven vragen voor je AI-leverancier
  10. Wat ik zou doen
  11. Veelgestelde vragen

Het korte antwoordJa, je mag als advocaat AI gebruiken, en ik zou de NOvA-aanbevelingen “AI in de advocatuur” van december 2025 lezen als de lat, niet als een rem. Er is geen verbod, en verplicht is het ook niet. Concreet vraagt de NOvA: controleer citaten, jurisprudentie en feiten altijd zelf, stop geen vertrouwelijke gegevens in gratis of publieke tools, weet waar de data bij je leverancier heen gaan, informeer je cliënt en leg de afspraken vast in een AI-beleid voor het hele kantoor.

Je kunt de aanbevelingen lezen als een lijst met beperkingen. Ik lees ze als de lat, en hieronder staat waarom, samen met wat de Advocatenwet, de AVG en de AI-verordening vragen.

Geen verbod, wel eigen verantwoordelijkheid

Er bestaat geen regel die advocaten AI verbiedt, wel de verantwoordelijkheid voor wat je ermee doet. De Nederlandse orde van advocaten (NOvA) noemt AI juist “een waardevol hulpmiddel voor de advocaat, mits ingezet met oog voor de kernwaarden advocatuur”. Over de verantwoordelijkheid laat de NOvA geen twijfel: “De advocaat blijft altijd zelf verantwoordelijk voor het uiteindelijke advies en de bescherming van cliëntbelangen.” (Aanbevelingen AI in de advocatuur)

Bij de publicatie op 16 december 2025 vatte de NOvA de kern zo samen: “de eigen verantwoordelijkheid van de advocaat als hoeder van de rechtsstaat blijft ook in de digitale wereld pal overeind.” (NOvA-nieuwsbericht) Verplicht is generatieve AI ook niet, staat in de veelgestelde vragen van de NOvA. Het “kan efficiënt zijn mits de juiste waarborgen worden toegepast”.

De NOvA legde zelf een herkenbaar dilemma voor. Een advocaat-stagiair moet onder tijdsdruk diepgaand jurisprudentieonderzoek doen voor een conclusie van antwoord. Hij gebruikt daar deels een AI-chatbot voor en twijfelt of hij dat aan zijn patroon moet melden (NOvA, Dilemma: AI-hulpje). Mijn antwoord op die vraag lees je verderop, bij de cliënt en de patroon.

Wat de NOvA per kernwaarde van je vraagt

De aanbevelingen zijn niet bindend, maar ze leggen uit wat de kernwaarden betekenen als je AI gebruikt, en aan die kernwaarden toetst de tuchtrechter. De NOvA ordent ze langs de vijf kernwaarden uit art. 10a Advocatenwet: onafhankelijkheid, partijdigheid, deskundigheid, integriteit en vertrouwelijkheid.

  • Deskundigheid: weet hoe AI werkt en controleer elke bron zelf. Weet hoe een taalmodel werkt en waar het fout gaat, en kies tools waarvan je de output kunt herleiden. De NOvA beveelt aan: “Investeer in kennis over (generatieve) AI” en “Doe praktische ervaring op met AI-tools”. Daarnaast: “Verifieer altijd de output”, wat ze uitwerkt als “Controleer citaten, jurisprudentie en feiten altijd handmatig vóór gebruik” en “Gebruik uitsluitend tools met bronvermelding”. En: “Bespreek vooraf met leveranciers hoe kwaliteit en waarborgen zijn geregeld”.
  • Vertrouwelijkheid: weet waar je gegevens heen gaan. Voer zo weinig mogelijk in en lees de contracten, niet alleen de marketing. De NOvA schrijft: “Gebruik geen vertrouwelijke gegevens in gratis tools” en “Ken de datastromen”. Onder “Pas privacy-by-design toe” noemt ze “Deel alleen strikt noodzakelijke informatie”, “Vraag toestemming aan de cliënt voor AI-gebruik in het dossier” en “Voer een Data Protection Impact Assessment uit bij verwerking van persoonsgegevens”. En onder “Selecteer leveranciers zorgvuldig”: “Vertrouw niet alleen op FAQ’s of marketingbeloften; lees de (privacy)voorwaarden”.
  • Onafhankelijkheid: laat de tool niet voor je denken. Wees extra kritisch als het antwoord precies is wat je hoopte. De NOvA schrijft: “De advocaat blijft eindverantwoordelijk voor advies en rechtsbijstand; gebruik AI slechts als hulpmiddel” en “Wees alert op AI-tools die geneigd zijn je prompt te bevestigen, ook als deze onjuist is”.
  • Integriteit: wees open over hoe je AI inzet, op kantoor en naar cliënten. De aanbevelingen luiden: “Neem AI-output nooit ongecontroleerd over”, “Stel een kantoorbreed AI-beleid op”, “Informeer cliënten over het AI-beleid” en “Wees intern transparant over het gebruik van AI”.
  • Partijdigheid: jij bepaalt de strategie voor je cliënt, niet de tool. De NOvA zegt het zo: “De advocaat blijft verantwoordelijk voor een partijdige, maar rechtmatige belangenbehartiging. AI mag hierin nooit leidend zijn.”

Je geheimhoudingsplicht geldt ook als je AI gebruikt

Je geheimhoudingsplicht verschuift niet naar je AI-leverancier, dus leg haar vast in het contract. De plicht staat in artikel 11a, eerste lid, van de Advocatenwet:

“Voor zover niet bij wet anders is bepaald, is de advocaat ten aanzien van al hetgeen waarvan hij uit hoofde van zijn beroepsuitoefening als zodanig kennis neemt tot geheimhouding verplicht. Dezelfde verplichting geldt voor medewerkers en personeel van de advocaat, alsmede andere personen die betrokken zijn bij de beroepsuitoefening.” (art. 11a Advocatenwet)

Schakel je een externe AI-leverancier in, dan volgen uit de wettekst en de NOvA-aanbevelingen drie dingen.

  • De plicht blijft bij jou. Artikel 11a legt de geheimhoudingsplicht op de advocaat, en vertrouwelijkheid is ook een kernwaarde uit art. 10a. Jij zorgt ervoor dat wat je in vertrouwen kreeg ook bij de leverancier vertrouwelijk blijft.
  • Of de leverancier zelf onder artikel 11a valt, zegt de wet niet. De tweede zin breidt de plicht uit tot medewerkers en personeel en tot “andere personen die betrokken zijn bij de beroepsuitoefening”. Of een externe softwareleverancier daaronder valt, beantwoorden de wettekst en de NOvA-aanbevelingen niet, dus reken er niet op.
  • Delen mag, maar niet zonder waarborgen. De NOvA-FAQ antwoordt op de vraag of je vertrouwelijke cliëntstukken in een tool zoals ChatGPT mag zetten: “Alleen met stevige contractuele waarborgen of bij gebruik van on-premise oplossingen. Vermijd publieke AI-modellen zonder duidelijke garanties.” De aanbevelingen voegen daaraan toe: “Gebruik geen vertrouwelijke gegevens in gratis tools” en “Zorg voor toezicht op medewerkers en leveranciers”. Mijn regel is simpel: dossierstukken horen niet in een chatbot met consumentenvoorwaarden of op een gratis abonnement.

Persoonsgegevens in een AI-tool: wat de AVG vraagt

Voer in elke tool alleen in wat nodig is, want voor een rechtsvraag heb je zelden namen nodig. Zitten er toch persoonsgegevens in je casus, zoals namen van cliënten, wederpartijen of getuigen, dan geldt ook de AVG, in Nederland aangevuld met de Uitvoeringswet AVG. Uit de NOvA-aanbevelingen haal je vier praktische punten:

  • Deel alleen wat nodig is. “Deel alleen strikt noodzakelijke informatie.”
  • Maak afspraken met de leverancier. Verwerkt de leverancier persoonsgegevens namens jou, dan hoort daar een verwerkersovereenkomst bij.
  • Weet waar de data heen gaan. “Weet waar data worden opgeslagen en verwerkt (land, onderaannemers, beveiliging).” Leg vast welke diensten persoonsgegevens verwerken.
  • Doe een DPIA. In de aanbevelingen staat: “Voer een Data Protection Impact Assessment uit bij verwerking van persoonsgegevens.” De NOvA-FAQ gaat verder en noemt een DPIA “een verplichte risicoanalyse bij het verwerken van persoonsgegevens in AI-systemen”.

Is een DPIA wettelijk verplicht?

Niet bij elke verwerking, wel zodra die waarschijnlijk een hoog risico inhoudt. Dat staat in artikel 35, eerste lid, van de AVG: bij een verwerking die, “in het bijzonder een verwerking waarbij nieuwe technologieën worden gebruikt”, waarschijnlijk een hoog risico inhoudt voor de rechten en vrijheden van mensen, voert de verwerkingsverantwoordelijke vóór de verwerking een DPIA uit. Voor de persoonsgegevens in je dossiers ben jij of je kantoor die verwerkingsverantwoordelijke. De NOvA-FAQ is dus strenger geformuleerd dan de wet.

De Autoriteit Persoonsgegevens heeft een lijst van zeventien soorten verwerkingen waarvoor een DPIA altijd verplicht is. AI-gebruik door een advocatenkantoor staat daar niet als aparte categorie op, maar de lijst is volgens de AP uitdrukkelijk niet uitputtend, dus je beoordeelt zelf of het risico hoog is. De AP gebruikt daarvoor als vuistregel de negen criteria van de Europese privacytoezichthouders: voldoet je verwerking aan twee of meer, dan voer je een DPIA uit. Twee van die criteria zijn de innovatieve toepassing van nieuwe technologie en de verwerking van gevoelige gegevens of gegevens van zeer persoonlijke aard. Zet je cliëntdossiers met persoonsgegevens in een AI-tool, dan kom je daar snel aan.

Stappenschema: moet je een DPIA doen voor AI op je advocatenkantoor? Eerst de AP-lijst, dan de negen criteria
Twee vragen bepalen of je een DPIA moet doen. Kom je uit op nee, leg dan vast waarom.

Bij dossierwerk met AI kom je dus vaak op hetzelfde uit als de NOvA, en mijn advies is eenvoudig: doe de DPIA, of leg vast waarom die in jouw situatie niet nodig is.

Moet je je cliënt informeren of om toestemming vragen?

Ik zou je cliënt gewoon vertellen hoe je AI gebruikt; het is één alinea in je opdrachtbevestiging. De NOvA legt in de aanbevelingen en in de veelgestelde vragen wel een ander accent:

  • In de aanbevelingen staat onder vertrouwelijkheid: “Vraag toestemming aan de cliënt voor AI-gebruik in het dossier.” En onder integriteit: “Informeer cliënten over het AI-beleid.”
  • In de veelgestelde vragen luidt het antwoord op “Ben ik verplicht AI-gebruik te melden aan mijn cliënt?”: “In geval van een datalek kan er een meldplicht zijn (zie Gedragsregel 16 en de AVG).”

Gedragsregel 16 (informatieplicht) zegt onder meer dat de advocaat zijn cliënt “op de hoogte [dient] te brengen van belangrijke informatie, feiten en afspraken”. De toelichting noemt het datalek met name: dan “kan de advocaat ook verplicht zijn informatie te verschaffen aan zijn cliënten of derden die door dat datalek mogelijk zijn geraakt” (NOvA, Gedragsregels advocatuur 2018, regel 16).

Hoe je dat per dossier invult, beslis je zelf; mijn advies blijft om het altijd te vertellen. En voor de stagiair uit het dilemma is mijn antwoord kort: gebruik je AI, zeg het dan tegen je patroon. Zo lees ik “Wees intern transparant over het gebruik van AI”.

Een advocaat bespreekt aan tafel met haar cliënt hoe ze AI in zijn dossier gebruikt

AI-geletterdheid: wat de AI-verordening van je kantoor vraagt

Ook de AI-verordening vraagt iets van je kantoor: dat wie met AI werkt de risico’s kent. Artikel 4 geldt sinds 2 februari 2025 voor organisaties die AI-systemen ontwikkelen of gebruiken. Sinds 27 juli 2026 staat er een lichtere versie, via de Digitale omnibus inzake AI (Verordening (EU) 2026/1744). Organisaties “nemen maatregelen om de ontwikkeling van AI-geletterdheid” van hun personeel en van anderen die namens hen met AI werken “te ondersteunen”. De verordening zegt er nu uitdrukkelijk bij dat je geen bepaald niveau van AI-geletterdheid hoeft te waarborgen. Welke maatregelen precies nodig zijn, “staat niet in de wet”, schrijft de Autoriteit Persoonsgegevens; dat hangt af van de context en de risico’s.

De Europese Commissie geeft een voorbeeld dat ook op kantoor speelt: een bedrijf waar werknemers ChatGPT gebruiken om bijvoorbeeld teksten te schrijven of te vertalen, moet aan de eis voldoen. De werknemers “moeten worden geïnformeerd over de specifieke risico’s, bijvoorbeeld hallucinatie.” Volgens dezelfde Q&A (bijgewerkt 20 oktober 2026) blijft de verplichting na de omnibus bestaan, maar is een specifiek of “voldoende” niveau niet meer vereist. Een certificaat heb je volgens de Commissie niet nodig; organisaties kunnen een intern register van trainingen bijhouden.

De NOvA wijst hier zelf op: “Bij de inzet van AI ontstaan verplichtingen vanuit de AI-verordening.”

Wat er gebeurt als het misgaat

Wie de lat negeert, riskeert een berisping. Op 27 juli 2026 kreeg een advocaat die van de Raad van Discipline ’s-Hertogenbosch. Ze had in twee huurzaken door een AI-tool gegenereerde rechtspraak overgenomen zonder die te controleren (ECLI:NL:TADRSHE:2026:93). Een deel van de ECLI’s bestond niet, een ander deel verwees naar andere uitspraken. De raad zag een schending van de kernwaarden deskundigheid en integriteit (art. 10a Advocatenwet) en van gedragsregel 8 (geen onjuiste informatie verstrekken). Daarbij woog ook mee dat ze niet ter zitting was verschenen en dat de stukken andere onjuistheden bevatten. Het verwijt over vertrouwelijkheid was ongegrond: niet kon worden vastgesteld dat er vertrouwelijke gegevens in de tools waren ingevoerd.

Het excuus dat je niet wist dat AI uitspraken verzint, is op.

Tuchtrecht.overheid.nl: de uitspraak ECLI:NL:TADRSHE:2026:93 met inhoudsindicatie over AI-gebruik en een berisping
De uitspraak op tuchtrecht.overheid.nl. De inhoudsindicatie noemt het gebruik van een AI-tool en eindigt met: berisping.

De hele zaak, twee eerdere uitspraken van rechters en de vijf controlevragen vind je in Verzonnen jurisprudentie door AI: zo controleer je een ECLI.

Wat er in het AI-beleid van je kantoor hoort

Voor het beleid van je kantoor geeft de NOvA-FAQ je de inhoudsopgave. Neem het lijstje gerust over:

  • Overzicht toegestane en verboden tools. Welke tools mogen, voor welke taken, en met welke gegevens?
  • Rollen en verantwoordelijkheden. Wie beslist over nieuwe tools, wie controleert output, wie is aanspreekpunt?
  • AI-geletterdheidsbeleid. Welke kennis moet iedereen hebben, en hoe houd je die op peil?
  • Beoordelingscriteria. Waarop beoordeel je een tool (bronnen, datastromen, contract)?
  • Documentatie- en evaluatieplicht. Wat leg je vast over het gebruik, en hoe vaak evalueer je?
  • Verificatie- en escalatiemechanismen. Hoe wordt output gecontroleerd, en wat doe je als er iets misgaat?
  • Uitvalscenario. Wat doe je als een tool niet beschikbaar is of wordt stopgezet?
  • Periodieke audits. Wanneer kijk je of het beleid in de praktijk wordt nageleefd?

Zeven vragen voor je AI-leverancier

Stel deze zeven vragen voordat je voor een tool kiest. Ze volgen uit de NOvA-punten “Ken de datastromen” en “Selecteer leveranciers zorgvuldig”:

  1. Waar worden mijn gegevens opgeslagen en verwerkt, en in welke landen?
  2. Welke subverwerkers zijn er, en hoe hoor ik over wijzigingen?
  3. Wordt er getraind op mijn invoer of output? Staat dat in het contract?
  4. Is er een verwerkersovereenkomst, en wat staat daarin over beveiliging en datalekken?
  5. Hoe maakt de tool output verifieerbaar? Krijg ik bij elke stelling een bron die ik kan openen?
  6. Wat gebeurt er met mijn gegevens als ik opzeg, en kan ik mijn data exporteren?
  7. Wat staat er in de voorwaarden over aansprakelijkheid, data-eigendom en IP-rechten?

Meer criteria vind je in Juridische AI-tools in Nederland: overzicht en criteria.

Wat ik zou doen

Gebruik AI, en lees de NOvA-aanbevelingen als de lat, niet als een rem. Concreet betekent dat: open elke uitspraak die in een stuk komt, voer alleen in wat nodig is, vertel je cliënt hoe je AI gebruikt en leg het vast in een kantoorbeleid, met een DPIA of de reden waarom die niet nodig is.

Daarvoor heb je geen tool nodig. Minuut komt pas in beeld als je een rechtsvraag wilt laten uitzoeken, en ik heb het ingericht rond wat de NOvA vraagt: een bron bij elke stelling en tegenargumenten standaard. Minuut is een team van AI-onderzoekers dat Nederlandse wetgeving, rechtspraak en EU-recht doorzoekt, elkaars werk tegenleest en elke bronverwijzing naast de oorspronkelijke tekst legt.

Na een onderzoek van anderhalf uur of langer krijg je een memo met de rechtsvraag, het juridisch kader en de rechtspraak, de toepassing op jouw zaak, een advies en een conclusie met risico-inschatting. Elke bron of rechtsoverweging klik je met één klik na. Dat advies geeft Minuut zoals een goede medewerker dat doet; wat je ermee doet, beslis jij. Hoe Minuut met je gegevens omgaat, lees je op Veiligheid, privacy en geheimhouding bij Minuut en in de voorwaarden.

Wil je weten of Minuut in jouw AI-beleid past? Check of Minuut bij je past.

Veelgestelde vragen

Is AI-gebruik voor advocaten verboden?

Nee. De NOvA ziet AI als een waardevol hulpmiddel, zolang je de kernwaarden respecteert. Voor het advies blijf je zelf verantwoordelijk.

Zijn de NOvA-aanbevelingen verplicht?

Nee, het zijn aanbevelingen. Ik behandel ze toch als de lat, want ze hangen aan de kernwaarden uit art. 10a Advocatenwet, en daaraan toetst de tuchtrechter.

Mag ik vertrouwelijke cliëntgegevens in ChatGPT invoeren?

Alleen met stevige contractuele waarborgen of bij on-premise oplossingen, zegt de NOvA-FAQ. Publieke AI-modellen zonder duidelijke garanties raadt de NOvA af, en vertrouwelijke gegevens horen niet in gratis tools. Ik zou dossiergegevens er helemaal uit houden.

Moet ik mijn cliënt vertellen dat ik AI gebruik?

Ik zou het gewoon doen, in één alinea in je opdrachtbevestiging. De aanbevelingen zeggen: informeer cliënten over je AI-beleid en vraag toestemming voor AI-gebruik in het dossier. De FAQ wijst op een mogelijke meldplicht bij een datalek.

Geldt de AI-geletterdheidsplicht ook voor een advocatenkantoor?

Ja. Artikel 4 van de AI-verordening geldt sinds 2 februari 2025 voor organisaties die AI-systemen gebruiken. Sinds 27 juli 2026 is de plicht lichter: je neemt maatregelen om de AI-geletterdheid van je mensen te ondersteunen, zonder dat een bepaald niveau vereist is. De Europese Commissie geeft als voorbeeld werknemers die ChatGPT gebruiken: zij moeten weten welke risico’s er zijn, zoals hallucinatie.

Wat moet er in een AI-beleid?

Acht onderdelen, volgens de NOvA-FAQ: toegestane en verboden tools, rollen en verantwoordelijkheden, AI-geletterdheid, beoordelingscriteria, documentatie en evaluatie, verificatie en escalatie, een uitvalscenario en periodieke audits.

Bronnen

  1. NOvA, Aanbevelingen AI in de advocatuurgeraadpleegd op 19 oktober 2026
  2. NOvA, Kernwaarden leidend in verantwoord gebruik AI (16 december 2025)geraadpleegd op 19 oktober 2026
  3. NOvA, AI in de advocatuur: basisbegrippen en veelgestelde vragen (pdf)geraadpleegd op 19 oktober 2026
  4. NOvA, Dilemma: AI-hulpjegeraadpleegd op 19 oktober 2026
  5. NOvA, Gedragsregels advocatuur 2018, regel 8geraadpleegd op 19 oktober 2026
  6. NOvA, Gedragsregels advocatuur 2018, regel 16geraadpleegd op 19 oktober 2026
  7. CCBE guide on the use of generative AI by lawyers (2 oktober 2025, pdf)geraadpleegd op 19 oktober 2026
  8. Art. 10a Advocatenwetgeraadpleegd op 19 oktober 2026
  9. Art. 11a Advocatenwetgeraadpleegd op 19 oktober 2026
  10. Uitvoeringswet AVGgeraadpleegd op 19 oktober 2026
  11. Art. 35 AVG (Verordening (EU) 2016/679)geraadpleegd op 19 oktober 2026
  12. Autoriteit Persoonsgegevens, Besluit lijst van verwerkingen waarvoor een DPIA verplicht is (19 november 2019)geraadpleegd op 19 oktober 2026
  13. Autoriteit Persoonsgegevens, Data protection impact assessment (DPIA)geraadpleegd op 19 oktober 2026
  14. Autoriteit Persoonsgegevens, AI-geletterdheidgeraadpleegd op 19 oktober 2026
  15. Europese Commissie, AI-geletterdheid: vragen en antwoorden (bijgewerkt 20 oktober 2026)geraadpleegd op 22 oktober 2026
  16. Verordening (EU) 2026/1744 (Digitale omnibus inzake AI), PB L 24 juli 2026geraadpleegd op 22 oktober 2026
  17. Raad van Discipline 's-Hertogenbosch 27 juli 2026, ECLI:NL:TADRSHE:2026:93geraadpleegd op 19 oktober 2026

Zie je een fout of is er iets veranderd? Mail lucas@minuut.eu, dan passen we het aan.

Past Minuut bij je praktijk?

Check in twee minuten hoeveel onderzoek Minuut je uit handen neemt

Beantwoord een paar korte vragen over je praktijk, en je ziet hoeveel uur juridisch onderzoek je per maand terugkrijgt. De eerste vraag staat al hieronder.

Welke omschrijving past het best bij je?

Je antwoord gaat mee, en je gaat verder bij vraag 2.